Impact van de lockdown op het wonen in de grootstad

Begin februari deed het coronavirus zijn intrede in België. Op 13 maart viel het land stil, iedereen moest verplicht in quarantaine. Dit veranderde het ritme van ons leven drastisch. Het vele thuiszitten had ook een impact op onze visie over het wonen. Voormalig Vlaams bouwmeester Van Broeck is duidelijk: ‘Woonkwaliteit is simpel: dat is lockdown compatibel wonen.’ Maar wat houdt dit juist in? En valt dit te combineren met de boodschap van verdichting? Wij vroegen alvast de mening van enkele stadsbewoners. Hier kan u de impact van de quarantaine op het leven van Dries Verhaeghe lezen. Dries is 49 jaar en woont op een appartement in Brussel.

De afbeelding kan niet weergegeven worden Dries Verhaeghe, Brussel

“Ik woon samen met mijn partner in Sint-Jans-Molenbeek op een appartement met zowel vooraan als achteraan een terras. De pandemie sloot op vrijdag 13 maart in grote mate het economische en sociale leven van België. Een gevolg van de lockdown-maatregelen van de federale regering. Zelf voelde ik als zelfstandige instant een impact. Ik zou namelijk een nieuw contract beginnen bij PRG Belgium, het grootste facilitaire bedrijf voor de evenementensector. Hun business ging op slot, mijn contract kwam er niet. Voor mijn partner, die kok is, volgde economisch-technische werkloosheid. Alle restaurants sloten verplicht hun deuren.

Zo begon een bijzondere periode waarvan, in hindsight, niets er meteen op wees dat dit een langdurige crisis zou worden. We wonen in de onmiddellijke buurt van parken in Molenbeek, het Albertpark en het Marie-Josépark en in de buurt van het kanaal Willebroek-Charleroi. Zo gingen we met twee langs het kanaal lopen en dagelijks wandelen in de buurt. Pas na een tijd ontdekten we eigenlijk de buurt meer en meer. We wonen er pas een dik jaar en het was best grappig dat, als we 800 meter de andere kant op stapten, we in een park terecht kwamen dat we voor de pandemie niet eens kenden, het Scheutbos, dat de grens vormt tussen Molenbeek en Dilbeek. We hebben op ons appartement best wel plaats, zo’n 85 m². Een benauwd gevoel hebben we tijdens de lockdown nooit gehad. Boodschappen doen is makkelijk met veel supermarkten in de buurt. Wat vreemd was, was het aanschuiven, het hamsteren van mensen en het feit dat, zelfs al wonen we onder hetzelfde dak, samen winkelen uitgesloten was.

Het waren zonnige dagen en we aten vaak op het terras achteraan, waar we onze gepensioneerde bovenburen leerden kennen. Zij bleven wel heel strikt opgesloten. Mijn partner polste bij de mindervalide vrouw van 70 die een verdieping lager woont en deed met haar wel eens een wandeling of hij bracht haar een stuk gebak. Tijdens de lockdown verplichtten we onszelf om elke dag te gaan wandelen en dus buiten te gaan.

We zijn middenklasse-mensen die genoeg plaats hebben. We vroegen ons wel vaak af hoe het anderen in Molenbeek verging, die op kleine oppervlaktes met grote gezinnen samenleven. Aanvankelijk mochten er geen groepen samen buiten. Pas bij de versoepeling waren de twee parken naast ons vaak erg vol. Begrijpelijk want al die grote families hebben geen terras of tuin en het park is vaak hun enige mogelijkheid om buiten te zijn.

De afbeelding kan niet weergegeven worden © Gilles De Sloovere

De hele periode gingen we dus vaak wandelen en ontdekten we plaatsen en routes die we anders nooit namen, ook in de belendende gemeentes. Ikzelf ging af en toe nog wandelen met een vriend aan het Elizabeth park voor de basiliek van Koekelberg, een park dat ik voor de crisis nooit echt bezocht. Terugkijkend op die lockdown was het eigenlijk best een rustige en aangename ontdekkingstijd en blijkt de impact op ons leven alvast beperkt en best positief.

We wonen graag in de grootstad (en naar onze mening de enige stad die die naam waard is in het kleine België). Of het nu met de fiets is of met het openbaar vervoer, je bent eigenlijk overal erg snel, zolang je de auto vermijdt. De nabijheid van, in niet coronatijden, alle zaken die ons interesseren; restaurants van alle soorten, cafés en theaters van alle soorten, muziekconcertzalen van alle soorten, cinema’s voor alle soorten films, van art-house tot blockbusters… Toch doet ouder worden in de stad mij in het weekend vaker ontsnappen richting Zoniënwoud of Terkamerenbos of de Ardennen. De hum van de stad wordt soms gewoon teveel en de ergernis ook. Ik heb een haat-liefde verhouding met Brussel. Ik zou het nu niet willen missen, maar ik zou wel een betere stad willen, een beter bestuur, een betere ruimtelijke ordening, een toekomstplan dat verder reikt dan de volgende verkiezingen. Absoluut meer groen en dan het liefst meer CO2 opslorpende bomen, die vaak geweerd zijn uit de grootstad Brussel. Dit is nochtans niet zo in de andere Europese hoofdsteden. Geen tuin hebben vind ik zelf niet super erg, maar ik merk wel dat met ouder worden die hunker weer groter wordt. Die vervullen we nu met planten en rozenstruiken op het terras.

Buren is een ander gevoel in de stad. Nog steeds heb ik het gevoel dat ik, waar ik ook in Brussel woonde, los van één enkele buur, geen tot weinig connectie met hen heb. De grootstad is op dat vlak toch een stukje onpersoonlijker, ieder voor zich. Dat vertaalt zich vaak in vuile straten. Iets wat je op dorpsniveau minder hebt, want daar wordt nog wel eens voor eigen deur geveegd. Brussel telt ook 187 nationaliteiten, wat rijk is, maar ook heel verschillend en soms wat een getto-gevoel brengt. Of het nu Noord-Brussel is, waar ik hiervoor 15 jaar woonde, of Molenbeek, zelfs Elsene is een getto, maar dan vooral van Fransen. Orde en netheid is niet bij elke bevolkingsgroep even sterk aanwezig. Ook dat merk je in de Brusselse wijken. In Woluwe zal het er netjes bij liggen, in Anderlecht en Molenbeek vaak vuil. Zonder grote theorieën te verkondigen voelt het soms aan alsof er met grotere welvaart netheid komt en met armoede vuile straten en overvolle stedelijke vuilnisbakken. Misschien omdat wie geen rotte frank heeft ook niet maalt om een propere buurt, maar hoopt om die dag te eten te hebben en dat de straat er vuil bij ligt, hen werkelijk worst zal wezen.”

De afbeelding kan niet weergegeven worden © Gilles De Sloovere

Bent u geprikkeld door het onderwerp? Zelf onderzochten wij wat lockdown compatibel wonen nu juist inhoudt en hoe we dit kunnen verzoenen met verdichting. Onze analyse vindt u in de aanstaande Unité die wordt uitgebracht op 9 november.